Paul van Ostaijen
Poems
Melopee
The first poems in full
Read them hereShow fewer poems
Zeer kleine speeldoos
Amarillis hier is in een zeepbel Iris
hang de bel aan een ring en de ring aan je neus Amarillis
Schud je 't hoofd speelt het licht in de bel met Iris Schud je fel breekt de bel Amarillis
Waar is Iris Iris is hier geweest Amarillis aan een ring en de ring aan jouw neus
Wijsneus Amarillis
Boere-charleston
Tulpebollen bolle tulpen tulpetuilen rozetuilen boererozen boerewangen boerelongen boerelongen ballen wangen wangen ballen bekkens ballen bolle bekkens bugel en basson - o hop! wie heeft er de kleine bugel gezien wie heeft er de grote bugel gezien en wie Gaston met zijnen basson Marie-Katelijne Marie-Katerien want dit is geen pavane of geen sarabande meer dat is geen gigue of geen allemande meer en geen wals dat is 'nen charleston 'nen boerecharleston van Gaston op zijnen basson En wie heeft er de kleine bugel gezien en wie heeft er de grote bugel gezien en wie Gaston met zijnen basson De kleine bugel zit in 'nen rozetuil bij Rozalie de grote bugel zit in de sjees bij Melanie Marie-Katelijne Marie-Katerien En Gaston die zit ‘In de Ton’ ik vraag u pardon Bolle wangen ballen bekkens bugel en basson
Marc groet 's morgens de dingen
Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem ploem ploem dag stoel naast de tafel dag brood op de tafel dag visserke-vis met de pijp en dag visserke-vis met de pet pet en pijp van het visserke-vis goeiendag
Daa-ag vis dag lieve vis dag klein visselijn mijn
Biography
Paul van Ostaijen (1896-1928) was een Vlaamse dichter en prozaschrijver. Hij wordt geassocieerd met het expressionisme in de Nederlandstalige literatuur, maar verwerkte ook invloeden van dadaïsme en constructivisme. Tijdens de Eerste Wereldoorlog verbleef hij in Berlijn, waar hij in contact kwam met de internationale avant-garde. Zijn poëzie is experimenteel: hij maakte gebruik van vrij vers, klankherhalingen en een opvallende typografie, zoals in de bundel 'Bezette Stad' (1921), waarin de lay-out van de pagina's de chaos van de moderne stad weerspiegelt. Andere bekende bundels zijn 'Music-Hall' (1916) en 'Het Sienjaal' (1918). Naast gedichten schreef hij essays over poëticale kwesties, waaronder 'Gebruiksaanwijzing der lyriek'. Van Ostaijen overleed op jonge leeftijd aan tuberculose, maar zijn werk had een blijvende invloed op latere generaties dichters in het Nederlandse taalgebied.
